Ereleden

Het erelidmaatschap kan worden toegekend aan personen die zich op bijzondere wijze hebben ingezet voor het Genootschap.

Volgens het Reglement Eerbewijzen en Prijzen van het KNGMG wordt het erelidmaatschap verleend ongeacht nationaliteit, leeftijd of geslacht. Gelet wordt op een nauwe band met het Genootschap, waarbij groter gewicht wordt toegekend aan de persoonlijke verdiensten dan aan de tijdsduur van de taakvervulling. Het erelidmaatschap wordt verleend voor het leven. Ieder lid van het Genootschap kan een voorstel tot verlening van het erelidmaatschap rechtstreeks richten tot het Hoofdbestuur. Tot toekenning wordt besloten door het Hoofdbestuur, de genootschapsraad gehoord hebbende.

Ereleden

1918 — dr. J. Lorie
1921 — jhr. Ir. H. Loudon
1921 — prof. dr. G.A.F. Molengraaff
1923 — dr. ir. R.D.M. Verbeek
1940 — mr. dr. h.c. dipl. Ing. W.A.J.M. van Waterschoot v/d Gracht
1944 — dr. ir. P. Tesch
1947 — prof. ir. J.A. Gruttering
1950 — dr. H.M.E. Schürmann
1952 — dr. ir. Ch. Th. Groothoff
1959 — dr. P. Kruizinga
1963 — ir. A.A.G. Schieferdecker
1967 — ir. A.J. Mulder
1973 — ir. J.M. Weehuizen
1978 — dr. G.J. Krol
1981 — dr. W.A. Visser
1987 — ir. B.P. Hageman
1990 — dr. H.E. Rondeel
1992 — prof. dr. S. Dijkstra
1992 — mw. G. Dijkstra-van Blokland
1998 — dr. D.A.J. Batjes
2001 — dr. A.J. van Loon
2011 — drs. Th.H.M. van Doorn
2012 — dr. P. Floor
2016 — dr. W.E. Westerhoff